vrijdag 29 februari 2008

Outback, part 5

Niet ontwaakt in William Creek, de generator hield ons de gehele nacht wakker.
Deze plek is het centrum van de grootste cattle farm in Australie, Anna Creek, met een omvang gelijk aan die van Wales. Zodoende heeft men op het eigen grondgebied altijd wel ergens goed weer (d.w.z.regen), en wordt het vee met lange lange vrachtwagens die kant op gebracht.

Na een appel & een cappucino begonnen aan wederom een rit van een kleine 200 kilometer over gravel roads, met in al die tijd één tegenligger & geen bebouwing. Nu zijn we aangekomen in Coober Pedy ("The Opal Capital of the World!" zoals men hier graag laat weten, inclusief uitroepteken). Onderweg passeerden we de "Dog Fence", de grootste hoewel misschien niet meest indrukwekkende bezienswaardigheid van Australie, ja zelfs de wereld. Dit hek, dat bedoeld is om dingos & schapen uit elkaar te houden, is zo'n 6.000 kilometer lang (dus langer dan de Chinese muur), en er zijn hele historische verhandelingen over wie welk stuk wanneer heeft aangelegd. Geen dingo & geen schaap gezien overigens, maar dat zegt natuurlijk nog niet dat deze onderneming geen zin heeft. Uit de hoogte (d.w.z. laagte) van het hek blijkt trouwens wel dat dingo's & schapen blijkbaar niet erg hoog kunnen springen.

Coober Pedy bestaat vooral uit mijnafval, want tot de toeristen kwamen, was iedereen hier in de grond aan het roeren op zoek naar opaal. Er staan dan ook heel veel waarschuwingsborden om uit je doppen te kijken omdat de grond vol zit met gaten. Dit alles resulteert in een stadsbeeld dat met groot succes gebruikt is voor de Mad Max-serie & andere post-apocalyptische films. Vanwege de extreme omstandigheden (tot 50 graden in de zomer) zijn er ook veel huizen ondergronds uitgehakt (wie weet kom je meteen wat opaal tegen). Ook onze hotelkamer is uitgegraven uit de heuvel en heeft dus geen ramen. Ze is echter verrassend comfortabel.

donderdag 28 februari 2008

Outback, part 4

Pfff. 480 kilometer, waarvan het overgrote deel over dirt roads, dan tril je nog wel even na.
Eerst een kronkelend parcour door de Flinders Range, met af & toe een overstekende emu-familie, en omdat remmen om twee redenen niet zo goed gaat (auto is zwaar & gravel glijdt goed) moet je daar wel op voorbereid zijn. Daarna nog een klein stukje asfalt, en dan de Oodnadatta Track, de klassieke route waarlangs het binnenland van Australie rond 1850 is opengelegd. Grotendeels langs een afgedankte spoorlijn (voor zover je bebouwing aantreft is die vaak opgetrokken uit rails en/of bielzen die van de spoorlijn gesnaaid zijn). De laatste bewoonde plek waar we langs kwamen was Marree, waar een montere dame, die drie weken geleden het plaatselijke (enige) hotel/restaurant had overgenomen 'omdat het geld op was om langer te blijven rondtrekken', voor ons als lunch een kipschnitzel in de aanbieding had. En daarna de absolute leegte, 200 kilometer lang. Een weg geflankeerd met waarschuwingsborden: 'Take the following precautions before attempting to travel this road', en dan een lange rij aanbevelingen waarvan we de meeste wel ter harte hadden genomen (niet in de schemering rijden, laten weten aan anderen dat je onderweg bent, veel water aan boord, al was het niet de geadviseerde 5 liter per persoon per dag. Bovendien, voor hoeveel dagen zou je moeten meenemen als je auto het begeeft?). Onderweg scherend langs 'Lake Eyre', een binnenzee zo zout & droog als een pretzel, maar veel groter. Na 208 kilometer de eerste tekenen van menselijke beschaving, al zijn aanhalingstekens hier wel op zijn plaats. Toch, als je drie uur niemand & niets hebt gezien (behalve twee moedige arbeiders die de dirt road aan het bijwerken waren) is zelfs William Creek, met 16 inwoners, waarvan alle mannelijke exemplaren een ZZ Top-baard hebben, een welkome overnachtingsplaats. Prachtige zonsondergang, waar helaas wel enige afbreuk aan wordt gedaan doordat de generator voor het hele dorp (nou ja) naast onze hotelkamer staat.

Op de foto: geheel William Creek

woensdag 27 februari 2008

Outback, part 3

Vandaag vroeg op om de ergste hitte te vermijden om een van de vele hikes te kunnen maken. De hoogste piek van de Flinders Ranche, St Mary, slaan we maar over. Wij volstaan met de Bridle Gap hike en die voert ons grotendeels over goed begaanbare paden naar twee hoger gelegen uitzichtspunten.
Het is mooi wandelen zo in de ochtend. De temperatuur aangenaam en je hoort alleen de vele vogelgeluiden in dit open bos van gigantische reuzen. Na de lookouts, een stevige klimpartij, hebben we nog een deel van de vlakte bewandeld. Onder de bomen, in de schaduw, houden een aantal kangaroos zich schuil.
Alles bij elkaar hebben we er toch weer flink wat kilometers opzitten. De lange hete middag besteden we om te luieren (weer eens een 'gewoon' boek lezen, ipv al die reisgidsen die we bij ons hebben).

dinsdag 26 februari 2008

Outback, part 2

We zijn de dag niet geheel begonnen zoals het hoort. De dame van de Car Agency had nog zo gezegd dat je elke ochtend het oliepeil & waterpeil moet controleren, maar aangezien we gisteren slechts een kilometer of 80 hadden gedaan, en we in NL dit zelfs helemaal nooit doen, vonden we dat we het nu nog wel konden overslaan. Gelukkig vond de automobiel dat ook, want hij heeft ons zonder problemen naar Wilpena Pound gebracht, zo'n 450 kilometer verderop. En 450 kilometers in een tank zijn echt een stuk vermoeiender dan in een personenauto. Alles trilt & rammelt, en het gevaarte zwalkt over de weg, door de speling in de wielophanging, zodat je continue aan het sturen bent. Hoewel we nog niet in de echte outback zijn aangekomen, is het landschap hier ook al zo goed als mensenvrij, tussen de stoffige dorpjes die minstens 50 kilometer uit elkaar liggen. Één tegenligger per 10 minuten. Prachtig landschap, dat steeds roder wordt naarmate we verder van de kust verwijderd raken. Af en toe zien we kleine 'dust devils', dit zijn wervelwinden die de stoffige grond omhoog laten dwarrelen. Het wordt ook heter en de lucht wolkenlozer. En nu dus Wilpena Pound National Park, iets wat op een grote krater lijkt (diameter een kilometer of 10), maar dat niet door een meteoriet-inslag of vulkaan-uitbarsting tot stand is gekomen, maar 'gewoon' door rimpelingen in de aarde. Morgen stevig wandelen om dat allemaal te verkennen. In de ochtend koelte want het zal al gauw te heet worden.

We moesten het autoverhuurbedrijf bellen om toestemming te vragen voor de route die we door het binnenland willen gaan afleggen. We hebben een wegenkaart meegekregen waarop staat voor welke wegen toestemming nodig is (in verband met de huidige toestand) en welke wegen sowieso verboden zijn. Dat gaat dus wat lastig als je in een natuurpark zit zonder mobiel bereik, alleen een openbare telefoon die het doet op (véél) muntjes en een 'noodnummer' van het verhuurbedrijf waar je aldoor een bandje te horen krijgt (nog een geluk dat dit geen echt noodgeval is). Toen ik na enkele pogingen dan maar onze plannen op het antwoordapparaat had ingesproken, met het verzoek om de toestemming door te geven aan de receptie van de Resort waar we zitten, kwam er zowaar tijdens het avondmaal iemand melden dat het verhuurbedrijf dat inderdaad had gedaan. Dus, No Worries.

Op de foto: Loes heeft uitgebreid de tijd om te fotograferen terwijl de Dame van Dienst in Gladstone onze beide tanks volgooit met diesel (die hier overigens duurder is dan gewone benzine). Intussen maak ik nieuwe vrienden (Hector). Mogelijk waren we de enige klant van de dag, maar dat is maar goed ook, want op mijn vraag of ze beide tanks wilde vullen was het antwoord "maybe, we are running somewhat short on diesel these days.". Ging goed.

maandag 25 februari 2008

Outback, part 1

Omdat we vandaag maar een kort stukje hoefden af te leggen, hebben we de ochtend gebruikt om nog wat musea in Adelaide te bezoeken. Voelt wel wat vreemd aan om aan de andere kant van de wereld naar een Rodin of een Appel te kijken. Gelukkig hadden ze ook werk van 'beroemde' Australische kunstenaars en het grootste Aboriginal Dreamtime Schilderwerk ter wereld: meer stippen dan je ooit zou wensen.

In de loop van de middag onze 4 Wheel Drive opgehaald. Eerst uitgebreid college over Hi & Lo gearing, dubbele benzinetanks en dergelijke. Voor ons geheel nieuw: je moet een knop op de as van de voorwielen verstellen als je wilt overschakelen van 2 Wheel Drive naar 4 Wheel Drive of andersom. Was meteen mijn (nog niet gestelde) vraag beantwoord of je al rijdende kunt omschakelen. En daarna al hortend & stotend (want niet meer gewend aan schakelen) op weg naar de Barossa Valley. Dus meteen vuurdoop op de (wat) drukke(re) wegen rondom Adelaide. Eerste bevindingen: van z'n 2 naar z'n 5 is geen goed idee, en van z'n 2 naar z'n 1 (als je net aan het optrekken bent) ook niet. Het voelt alsof je in een tank rijdt en eigenlijk is dat ook zo. Verder alles onder controle.

We zijn inmiddels aangekomen in het verblijf waar de discrepantie tussen naamgeving & realiteit vrij ernstige vormen heeft aangenomen. Volgens onze reispapieren verdiende het de voorkeur om The Barossa Valley Weintal Resort minstens één dag van te voren te bellen over 'dinner arrangements'. Wij verwachtten dan ook een lieve oude dame met klassiek Engelse Bed & Breakfast, die desgewenst ook nog s'avonds voor je kookt. De realiteit bestaat echter uit een reeks blokhut-achtige constructies (toegegeven, wel redelijk comfortabel) naast een hoofdgebouw waar je ook kunt pokeren danwel sterke drank kunt inslaan (in beide betekenissen van het woord). In de omgeving wederom veel beroemde wijnhuizen maar dat hebben we nou wel gehad. Morgen onze eerste lange rit naar (en een beetje door) The Outback, te weten The Flinders Range.

Op de foto The Art Gallery of South Australia, home to Rodin & Appel & more.

zondag 24 februari 2008

End of Part One.
We hebben vanochtend onze auto ingeleverd en de rest van de dag (al lopend) in Adelaide doorgebracht.
Morgen halen we onze 4 Wheel Drive op voor Part Two. Of we dan (d.w.z. in het binnenland) ook zo vaak kunnen internetten is nog maar de vraag.

Adelaide is volgens de gidsen een rustige, landelijke, ja zelfs landerige stad. Maar onze eerste ervaringen zijn heel anders. In de buurt van ons hotel bevinden zich allerlei wedlokalen & nachtclubs die adverteren met schaars geklede dames, en voor het eerst komen we ook behoorlijk wat zwervers tegen. Bovendien wordt er vandaag een motor-race gehouden in de straten van de stad (veel luidruchtige bier drinkende motorfans), hetgeen blijkbaar gecoverd moet worden met een helicopter of vier, is er een kermis ingericht, en is er ook nog een 'fringe festival' gaande (veel alternatieve types met piercings op onverwachte plaatsen). Maar als je dat allemaal even wegdenkt klopt het beeld van de reisgids wel een beetje. Het tamelijk compacte centrum is aan alle kanten door parken & tuinen omgeven, en aangezien alle straten hier recht zijn, zie je aan het eind van zowat elke straat een park (en aan het andere eind ook). Veel hoogbouw is er ook al niet, wel veel meer mooie kleinschalige panden uit 1900 dan in Melbourne of Sydney. Al met al een nogal relaxed gebeuren (de andere 364 dagen van het jaar).

Op de foto: een van de stadsparken & alle hoogbouw (& Loes, die het razenddrukke verkeer in de gaten houdt).

zaterdag 23 februari 2008

We hebben gisteren de staat Victoria verlaten en zijn aangekomen in de staat South Australia. En daar is het een half uur vroeger dan in Victoria. Wat daar nu precies achter zit is ons niet geheel duidelijk. Oké, we trekken naar het oosten, maar niet in die mate dat het hier significant langer licht of langer donker is dan in Melbourne. En als het dan toch al gerechtvaardigd lijkt de klok aan te passen, ligt een heel uur meer voor de hand. Maar 30 minuten? En dan doen beide staten ook nog aan zomertijd/wintertijd, maar niet op het zelfde moment, dus is het hier ook wel eens een half uur later (of zo).

We verbleven in de Chardonnay Lodge, midden in The Coonawarra Wine Region. Alles staat hier in het teken van wijn. Onze lodge is ook onderdeel van een der (plaatselijk) gerenommeerde wijnhuizen. Wijnen proeven is dan ook het enige dat hier in de wijde omtrek is te doen. En daar waren wij snel mee klaar, want onze kennis houdt op bij het onderscheid tussen rood & wit, en, vooruit, zoet & zuur. Dus om dan onder de strenge blik van een sommelier-achtig type te nippen aan A of B, in de hoop dat je een doosje meeneemt, nou nee. Gelukkig biedt de tuin voldoende afleiding voor een middag geheel niets doen.

Vandaag zijn we na (weer) een lange rit aangekomen in Goolwa, een kustplaats in de buurt van Adelaide. Onderweg nog steeds héél véél wijn, af & toe afgewisseld met schutschapen (schapen die de zelfde kleur hebben als het gras waarin ze vertoeven). Goolwa is plaatselijk beroemd omdat de Mighty Murray River hier de zee bereikt. Zo Mighty is die River nu ook weer niet, want men heeft een dam moeten bouwen om te zorgen dat de zee niet steeds verder landinwaarts oprukt. Het niveauverschil is al opgelopen tot enkele meters (zodat er van zwemmen niet veel meer komt zoals je op de foto kunt zien). Het is wel mooi wandelgebied, dat wel wat aan de Waddeneilanden doet denken, behalve dan dat hier 4 Wheel Drives op het strand zijn toegestaan, zodat je nog een beetje moet uitkijken ook. Woeste zee, brede stranden, en hoge duinen waarin de creme van Adelaide haar strandhuizen heeft gebouwd. In de drooggevallen bedding van de Murray River hebben we veel vogels gespot, maar ja, geen gids bij ons, dus welke het waren?

donderdag 21 februari 2008

Het heeft even geduurd, maar de kangoeroes zijn eindelijk in zicht. Eerst nog tijdens de vele wandelingen die we in de buurt van Halls Gap hebben gemaakt, maar later ook op onze eigen veranda van de D'Altons Resort (dus afgezien van de apostroof zitten we echt in het wilde westen). Vooral met de schemering (ochtend of avond) komen ze te voorschijn en gaan ze grazen, vrijwel ongestoord door onze aanwezigheid (of je moet al te robuust op ze afstappen met je camera in de aanslag). Halls Gap telt 300 inwoners, maar heeft in het seizoen 6000 bezoekers, die allemaal van de (dan misschien niet geheel ongeschonden) rust komen genieten. Nu is het er echter vrij stil. De dame van de Tourist-Info is blij iemand van dienst te kunnen zijn. Je hoeft haar maar aan te klampen en je wordt gezandstraald met brochures & wandelroutes. En het moet gezegd, die routes zijn erg mooi. Hoewel we ons over het uitblijven daarvan nog niet echt zorgen maakten, hebben we inmiddels ook de eerste emu's gespot: die lijken eigenlijk nog het meest op een (slechte) pruik op pootjes. Voorts zijn we er achter gekomen dat kakatoe's er weliswaar leuk uitzien maar dat ze geen leuk geluid maken. Elke ochtend & avond is het een gekrakeel van jewelste, zodat, als het gesprek is afgelopen, de stilte des te meer opvalt.

woensdag 20 februari 2008


Los van zee, en de bergen in. Weg van de hitte & de vliegen. In dit geval naar The Grampians, een van de mooiste natuurgebieden van zuid-australie. En meteen maar begonnen met een wandeling die als 'medium to hard' stond vermeld. En dat bleek geen overdreven vermelding, want het was zwaar aanpoten om het uitzichtspunt waar het allemaal om begonnen was te bereiken. Op de terugweg naar beneden nog in gesprek geraakt met een stel dat al klimmend (en nog niet halverwege) de moed wel ongeveer verloren had en zich afvroeg of wij daarboven foto's hadden gemaakt, zodat ze die even op ons toestel konden bekijken zodat ze zich de verdere uitputtingsslag konden besparen. We hebben hen omgepraat (in het kader van gedeelde smart is halve smart). Bovendien, het uitzicht was inderdaad alle inspanningen waard. Toch?

dinsdag 19 februari 2008


Vandaag het mooiste gedeelte van The Great Ocean Road afgelegd. Om de paar kilometer prachtige uitzichtspunten, dus dat schoot niet erg op. De kust hier slijt zo'n 2 centimeter per jaar door het aanhoudende geweld van de zuidelijke oceaan, en daardoor blijven er mooie rotsformaties achter in zee, zoals de 'twaalf apostelen' op de foto. Het zijn er trouwens al geen twaalf meer, want het proces is nog niet tot stilstand gekomen en af & toe dondert er dus wel eens iets in elkaar. Recentelijk nog (nou ja, 1990) de boog van 'London Bridge', waardoor enkele touristen zich opeens op een eiland bevonden en per helikopter gered moesten worden. Midden in dit gebied bevindt zich Cape Otway, de plek waar tientallen (zo niet honderden) schepen, na een reis van een maand of 5 vanuit London, en nog slechts 100 kilometer verwijderd van bestemming Melbourne, aan de grond zijn gelopen, totdat men in 1848 besloot er een vuurtoren neer te zetten. Niet dat het daarna altijd goed ging, maar het aantal ongelukken nam wel wat af. Aan het eind van de dag aangekomen in Port Fairy, een plaatsje voor walvisvaarders (toen dat nog kon). Nu een soort slaperig wild west stadje met straten zo breed dat communistische parades er geen problemen mee zouden hebben, maar vrijwel niemand om ze te gebruiken. Er was ook een plaatselijke Turk: prima lamb kebab.

maandag 18 februari 2008


Vlak na Melbourne begint The Great Ocean Road. Een slingerende weg langs de kust met hier en daar (zie foto) mooie look-outs. Het heeft wel wat weg van de Californische Highway 1 met ook van die spectaculaire vieuws. De rotsachtige kust wordt afgewisseld met stranden waar het voornamenlijk leeg is. Er zijn genoeg surf beaches maar helaas geen activiteiten gezien want de zee was op die plekken vrij rustig.
Hoewel we nog steeds geen kangeroes hebben gezien staan ze wel op de kaart en heeft Ronald er vanavond een gegeten, nou ja een stukje daarvan. In rode bietensaus op een bedje van aardappelpuree: heerlijk! zegt hij want ik hield het bij een vis. Zou er ook koala op het menu kunnen staan? Ik hoop het niet.
Even terug in de tijd: op uitdrukkelijk verzoek van Kempe hierbij toch nog de foto van mij boven op de Sydney Harbour Bridge. Als je goed kijkt sta ik vierde van links, en kijk het meest zelfbewust van het gehele gezelschap, hoewel het Star Trek tenue me niet eens misstaat (vergeleken met sommige anderen). Net ter linker zijde van de groep kun je nog een klein stukje van de Sydney Opera House zien.

Degenen die mij kennen, zullen begrijpen dat ik voor dit foto-moment graag mijn snor had gedrukt (bijvoorbeeld door links of rechts net even buiten beeld te gaan staan). Echter, uit veiligheidsoverwegingen zaten we allemaal met katrollen vastgeketend aan een soort geleide-rail, en aangezien ik niet als eerste of laatste was 'aangeklikt', kon ik niet vluchten. Dus bij deze: de enige 'gezellige' groepsfoto ooit met Ronald er op. Alle anderen zijn Aussies. Zeven van de elf hebben me gevraagd of ik soms van dat schip kwam (er lag toevallig net een Cruiser om de hoek waar met grote letters AMSTERDAM op stond geschilderd). Zes van de elf vonden het sneu dat mijn vrouw niet mee was (ik ook).

zondag 17 februari 2008


Melbourne is ook bekend om zijn vele prachtige tuinen & parken. We hebben de ochtend grotendeels doorgebracht in de Botanical Gardens, waar verder ook de halve plaatselijke bevolking hond, kind of oma uitliet. Vrij gezellig. Op de foto geeft Loes een niet onverdienstelijke immitatie van prinses Irene bij het omarmen van deze reusachtige boom. Wat die aan haar heeft medegedeeld zul je haar zelf moeten vragen. En ik sta natuurlijk weer op een plattegrondje te turen, omdat ik nu eenmaal altijd 'bewust' links af of rechts af wil.

zaterdag 16 februari 2008


Voor Melbourne hadden we een lekker centraal liggend hotel uitgekozen. Dat bleek goed gelukt, want het ligt midden in het voetgangersgebied.
Na een hoop moeizame navigatie met onze Toyota Nogwat (niet geholpen door het feit dat je hier om rechts af te slaan links moet voorsorteren,
hetgeen in combinatie met het links rijden mijn automotionele vaardigheden bijna te boven ging) hadden we alleen nog maar wat ruime circels rondom het hotel tot stand gebracht. Eerst maar eens de auto parkeren en naar de lobby wandelen om daar iemand te vragen hoe & wat.
Toen ik de kruip-door-sluip-door route eenmaal uitgelegd had gekregen was het leed snel geleden.

Melbourne lijkt véél drukker dan Sydney, en is ook eigenlijk wel gezelliger. Kom je in Sydney in bepaalde wijken alleen maar touristen & zakenlui tegen en in andere wijken alleen maar de treurige restanten van wat eens de hippie-cultuur was, hier in Melbourne loopt dat allemaal veel meer door elkaar, met positieve gevolgen voor alle betrokkenen. Overal straatmuzikanten & levende standbeelden, en een mega-groot festival over de 'eco-lifestyle', waar je je chakra kunt laten revitaliseren of je feng shue kunt laten richten (kun je dat doen met die dingen? ik ben niet zo thuis in het jargon van deze subcultuur). Veel 19e eeuwse architectuur, onder andere in de Victoria Market Building, waar zich op zondag een markt afspeelt waar je ongeveer alles kunt krijgen wat je hartje begeert (en vooral ook heel veel andere dingen). Op de foto probeert Loes een muts uit, voor als het toch nog koud mocht worden. De koop is uiteindelijk niet doorgegaan. En voor wie de foto bekijkt kan dat geen verrassing zijn. Bovendien, het is hier bijna 30 graden, dus we hebben andere dingen aan (en op) ons hoofd.

vrijdag 15 februari 2008



Na alweer een onvergetelijk ontbijt, met onder andere peren gekookt in saffraanwater met gember, hebben we ons naar Raymond Island gespoed, waar volgens onze hostess van de B&B veel koalas te spotten zouden zijn. We moesten even zoeken, maar na enige tijd vonden we er toch een aantal. Deze werd net wakker, maar dat schijnt eigenlijk altijd het geval te zijn.

Onze eindbestemming van de dag was Philip Island, net onder Melbourne. En wederom een prachtige B&B. En wederom leek het vrijwel uitgestorven. Totdat we in de avond bij de plaatselijke Chinees binnenstapten, waar net een buslading Chinezen was gedropt. We konden in eerste instantie nog net een plaatsje in de 'chauffeurs-afdeling' van het restaurant bemachtigen, maar na enige tijd werden we alsnog naar een betere plaats geescorteerd.

Op Philip Island komt iedereen voor één ding: the Penguin Parade. Elke avond bij zonsondergang komen ze massaal de zee uit, om hun nest op te zoeken voor de nacht. En dat temidden van twee grote betonnen tribunes, waarop zich helaas ook alle Chinezen uit het restaurant bevonden, zodat het een gekakel van jewelste was. Of het daar door kwam weten we niet, maar behoorlijk wat penguins doken enkele malen weer de zee in voor ze de moed konden opbrengen om het strand over te steken. Wel een ontroerend schouwspel, waar we helaas geen foto's van mochten maken.

Intussen ook elektronische toltickets voor Melbourne besteld, want rekeningrijden is hier wel met succes ingevoerd. We sluiten af op onze veranda, met thee & krekels.

donderdag 14 februari 2008


Vanochtend vroeg opgestaan, want er stond weer een lange rit (430 km) op het programma. We waren dan ook aangenaam verrast toen we na korte tijd een verkeersbord tegenkwamen met de tekst 'Bombala rechtsaf, 91 km', terwijl het volgens onze route toch zeker zo'n 150 km had moeten zijn. Goed, de weg naar rechts was wel iets smaller, en had ook geen middenstreep, maar je mocht er, zoals bijna overal, 100 km per uur rijden. En aangezien je niemand tegenkomt kun je dat nog doen ook. In Nederland zou dat een bizarre snelheid zijn voor zo'n klein weggetje. Helaas, na een kilometer of 50 ging de weg over in een gravel-road vol potholes, en moesten we onze snelheid toch nog danig aanpassen. Voor zover we andere weggebruikers tegenkwamen (laten we zeggen eens per 10 minuten), zaten die allemaal in Jeeps. Desondanks hebben we de gravel road volbracht en dus toch een aardig stukje afgesneden. Inmiddels zitten we op het terras van onze Bed & Breakfast in Swan Reach, en het uitzicht is fantastisch, evenals de internetconnectie trouwens. Op de foto checkt Loes haar mail onder het genot van een English Tea met zelfgemaakte walnotencake (niet door ons natuurlijk maar door de gastvrouw, Phyllis).

woensdag 13 februari 2008


Wakker geworden in een koud & mistig Thredbo. Het leek vooralnog niet erg aantrekkelijk om met de stoeltjeslift naar boven te gaan om daar in de wolken te verdwijnen. Dus eerst maar eens een wandeling in het dal van het dorp (toch ook al op 1300 meter hoogte). Zoals meestal kozen wij uit het rijke aanbod van wandelroutes er eentje voor beginners, want ook die zijn vaak al zwaar genoeg. De tocht langs de Thredbo River voldeed ook in dat opzicht aan de verwachtingen.
Halverwege de dag brak de zon alsnog door en zagen we de top van de stoeltjeslift tegen een blauwe hemel tevoorschijn komen. Dus alsnog omhoog (naar zo'n 2000 meter). Een vreemde combinatie van koude wind & sterke zon, dus vaak kleren & hoeden aan & uit. Achteraf bleek dat we toch weer niet genoeg gesmeerd hadden. De UV-straling is hier 'moordend'. Bovenaan een wandeling gemaakt totaan het punt waarop je een mooi uitzicht hebt op de hoogste berg van Australie, Mount Kosciwinski of zo (inderdaad, die heeft zijn naam gekregen van die Poolse ontdekkingsreiziger op de vorige foto).
Op de foto zie je Thredbo vanuit de stoeltjeslift terug naar beneden.

dinsdag 12 februari 2008

Vandaag stond een rit van een kleine 500 kilometer op de planning naar Thredbo. Dus hebben we eigenlijk niet zo heel veel te melden. Eindeloze wegen door de Southern Highlands van New South Wales. Een afwisselend landschap van glooiende heuvels met jungle-achtige begroeing. En nee, nog geen levende kangaroe gezien (wel drie platgereden exemplaren. Wel triest, maar niet door ons). In verschillende leuke plaatsjes gestopt. In de laatste voor Thredbo (Jindabyne) kwamen we dit standbeeld tegen. En nee uit de foto blijkt niet dat we in Australistan zijn aangekomen waar de grote rode roerganger het dankbare volk de weg wijst. Het beeld is een geschenk van 'het Poolse Volk', en het betreft een Poolse ontdekkingsreiziger die hier een & ander heeft gedaan. En ja, waar laat je zo'n beeld dan zonder de gever voor het hoofd te stoten?

Thredbo blijkt een inde winter populair maar nu volstrekt uitgestorven ski-oord te zijn. We hopen & verwachten dat we morgen in de buurt mooi kunnen wandelen.

maandag 11 februari 2008


Na een vroege start vanuit Leura zijn we via tweebaanswegen in de richting van Jervis Bay vertrokken. De snelweg had ook gekund, maar dat leek ons minder aantrekkelijk. Gevolg: regelmatig omkeren & gepuzzeld naar de wegenkaart kijken. Maar uiteindelijk toch gearriveerd in Huskinsson, prachtig gelegen aan Jervis Bay. We werden warm verwelkomd door de eigenaar van de smaakvol ingerichte Bed&Breakfast "Dolphin Sands", en kregen meteen uitvoerig advies over de keuze van restaurants, de route van morgen & de wandeling(en) van de middag. In de late middagzon een mooie wandeling gemaakt over het verlaten strand (blijkbaar geen hoogseizoen hier). Uit de foto blijkt dat men zwemmen hier serieus benadert. Voor je bent uitgelezen is de zon onder en de kans voorbij.
Zoals ons wel vaker overkomt bevinden we ons op een plek waar je goed kunt "Whale Watchen", maar niet nu. Want ze zijn alweer een tijdje geleden voorbij getrokken. Desondanks een heerlijke plek. En het ontbijt was helemaal fantastisch, met veel home made broden, yoghurts, fruitsalades en als klap op de vuurpijl een quiche van eieren & kaas, geserveerd door de eigenaar des huizes gekleed in een schort á lá maitre d'e.

zondag 10 februari 2008


Vanochtend onze auto opgepikt bij Apollo Motorhomes (die blijkbaar dus ook in personen-auto's doen). Nadat het stel voor ons was afgehandeld (ook uit Utrecht, vreemde blik van de baliemedewerker) kregen wij onze Toyota Nogwat mee, tot onze (aangename) verrassing met automaat. Slechts een kleine rit naar de "Blue Mountains", een bergrug ten westen van Sydney met prachtige uitzichten & eindeloos veel hiking trails, waarvan wij natuurlijk maar hele korte stukjes doen. Wél met de steilste trein (52 graden) naar de bodem van de vallei, en met de idem Cable Car weer omhoog. En als klap op de vuurpijl nog over de vallei heen in een gondel met glazen vloer. Op de foto zie je onze voeten (2 van Loes, 1 van mij, met de ander is ook alles in orde maar die stond even ergens anders) & The Katoomba Falls zo'n 200 meter onder ons. We overnachten in een schattige cottage, en hoewel er niemand was om ons te ontvangen (de sleutel lag precies op de plaats die ons in Nederland al was medegedeeld), klonk er wel een gastvrij klassiek muziekje toen we het pand betraden.
Met een BBQ Chicken & Coleslaw uit de buurtsuper brengen we hier een genoeglijke avond door.

zaterdag 9 februari 2008


We moeten het toch eens over het weer hebben. De eerste ochtend in Sydney was fantastisch, maar daarna werd het snel minder.
Elke Sydneysider die we spreken klaagt er over. Vandaag was helemaal een regenachtige dag, zodat ons plan om op de fiets naar Bondi Beach te gaan is gesneuveld bij gebrek aan stamina. In plaats daarvan hebben we de Chinese tuin bezocht (mwahhh...) en The Australian Museum (double mwahhh...).
Inmiddels begon ik me steeds meer zorgen te maken over de Sydney Harbour Bridge Climb Tour die ik (ruim) van te voren voor de vroege avond had geboekt. En op de site stond nog wel: "Bad weather is no reason for refunds, as the experience will be exhilirating whatever the conditions". Jaja. Maar zie: de hemel brak open en het werd een prachtige avond. Het beklimmen van de brug zelf neemt niet zo héél veel tijd in beslag, maar vanwege de veiligheidsmaatregelen duut de complete tour meer dan drie uur. Stap 1: alcoholtest (dronken klimmers niet toegestaan). Stap 2: intelligentietest (heel domme klimmers niet toegestaan). Stap 3: uitkleden (nou ja, niet helemaal). Stap 4: startrek spacesuit aan. Stap 5: veiligheidsgordel aangorden. Stap 6: veiligheidskabel bevestigen. Stap 7: windjack & regenjack aanklikken. Stap 8: hoofdlampje bevestigen & aanklikken. Stap 9: extra bevestigingsmaterialen voor brildragers. Stap 10: stormbestendige zakdoek met polsbevestiging installeren. Stap 11: radio & koptelefoon installeren. Stap 12 (héhé): de brug op. De tocht is spectaculair, eerst door de krochten van de brug, daarna de boog op klauterend van de klassieke (maar gigantische) boogbrug, tot de absolute top (140 meter boven Sydney Harbour), met prachtig uitzicht op The Opera House % de rest van Sydney. Helaas, geen eigen foto's (want ik was nog vergeten stap 3a: werkelijk alle bezittingen opbergen in een persoonlijk kluisje). Er is wel een nogal genante groepsfoto waar ik ook sta te zwaaien naar de gids, maar die durf ik hier niet te publiceren. En na afloop natuurlijk alle bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde.

Terwijl ik op & om de brug doende was, heeft Loes haar tijd gesleten in Hyde Park & bij de Starbuck.

Later op de avond begon het weer te regenen.

Op de foto: Loes bewondert Aap in The Australian Museum.

vrijdag 8 februari 2008

De dag begon met een dame op de gang die stond te wachten tot er iemand met de lift naar beneden ging (vanaf de 15e, waar onze kamer ligt).
Ze bleek afkomstig uit Nieuw Caledonië, durfde niet alleen in de lift, was in Sydney om haar man naar het ziekenhuis te begeleiden & sprak alleen Frans.
Blijkbaar is men in Nieuw Caledonië niet sterk in liften & ziekenhuizen. Hoe lang ze daar al stond weten we niet. En de kans dat je met je Frans ergens terecht kunt in Sydney is ook al niet groot (of je moet natuurlijk een Hollandse tourist tegen het lijf lopen).

Daarna hebben wij ons door een Captain Cook look-alike laten inpalmen om een hop-on, hop-off harbour tour te maken. Wij hopten off in Watson Bay, de meest oostelijk gelegen nederzetting (dus vlak bij zee). Hiervandaan was het nog slechts een korte wandeling naar 'The Gap' (zie foto), waar de Pacific op de kust beukt. De Lonely Planet weet hierover te melden 'Romance and suicide leaps transpire here with similar frequency'. Inderdaad troffen we een bosje verwelkte bloemen in een vaas aan. Ter nagedachtenis? Op de terugweg heeft Captain Cook's nazaat ons nog meer highlights van de stad getoond; The Opera House vanaf het water, The Harbour Bridge van de onderkant, etc. Allemaal mooi.

donderdag 7 februari 2008

Hoewel de buitenkant van de Opera House er fantastisch uitziet, is het interieur eigenlijk vrij somber, met (te) veel hout, velour & leren meubelen. De geur van de jaren 50 min of meer. Het is dan ook niet vreemd dat er een grote renovatie op stapel staat, die ongeveer een biljoen moet gaan kosten. Dat is 10 maal zoveel als de oorspronkelijke bouwkosten (100 miljoen, en dat was ook al 20 keer zo veel als oorspronkelijk begroot).
De live-onderdelen van de tour worden af & toe onderbroken met audio-visuele intermezzo's, waarvoor iedereen eerst met zijn draadloze audio-stick contact moet zoeken met de transmitter door met het ding te zwaaien in de richting van de beeldbuis. Heel gezellig is dat. Op die manier kom je te weten dat de Deense architect halverwege het project met ruzie is vertrokken, en dat hij het gebouw nooit in voltooide staat heeft gezien. Mooi, Drama...

Daarna brak een tropisch onweer los, dus restte ons niets anders dan een museum te bezoeken, te weten het Museum of Contemporary Art, waar we weliswaar niet zo heel lang bezig waren, maar lang genoeg om de bui te laten uitwoeden.

Na een appelige dag die we alleen op vliegveld & in vliegtuig hebben doorgebracht, worden we deze ochtend wakker in Sydney, met een stralende hemel, een graad of 25 en een intensiteit van licht waar we echt even aan moeten wennen (vooral omdat ik mijn zonnebril natuurlijk op de hotelkamer had laten liggen). . We waren al wit, maar in dit licht lijken we wel doorschijnend. Nu ja, even een dagje geen factor 30 opsmeren en dat is verholpen (al is de kans groot dat we dan vooral rood zijn). Onze eerste stop was de Botanische tuin, die, zoals zoveel in Sydney, prachtig aan de haven is gelegen. Veel bijzondere planten, & ook veel vleermuizen, die hier nog verbazend actief zijn zo midden op de dag (of is dat op het zuidelijk halfrond ook andersom?). Daarna, zoals het goede toeristen betaamt, ons laten rondleiden door The Sydney Opera House, natuurlijk het symbool van Australie.
Op deze foto is Loes druk doende het wereldwonder dat achter haar ligt te negeren.

dinsdag 5 februari 2008


Na de tocht met de Cable Car een tijd rondgezworven in de Central Disctrict, een vreemde mengeling van indrukwekkende hi tech wolkenkrabbers met aan hun voet onooglijke winkeltjes & chaotische markten. En in de doorgaande straten vooral héél véél Louis Vuitton, heel soms afgewisseld met een toefje Gucci. Met de aanstaande jaarwisseling in aantocht is iedereen erg druk met het gunstig stemmen van de goden met wierook, fruit & gebeden. Vooral in de Man Mo Temple aan Hollywood Road is het een komen & gaan van mensen die de toekomst in positieve zin trachten te beinvloeden. Wij contempleren mee, maar hebben verder geen fysieke offers gebracht.

Na een brakke nacht ontwaakt in een mistig Hong Kong, waar we vanuit het hotel in Kowloon nu niet eens meer Hong Kong Island kunnen zien, terwijl dat toch hoogstens een kilometertje verderop is. Desondanks, en enigzins tegen beter weten in, toch de Cable Car naar Victoria's Peak genomen, hét uitje dat iedere bezoeker hier dient te ondernemen om te genieten van het prachtige uitzicht. Niet dus, ook al was het ritje er naar toe heel leuk (nog nooit in een tram gezeten die helt onder een hoek van 45 graden, je voelt je behoorlijk zwaarwichtig in de stoel gedrukt) en hadden ze op de top een lekkere Starbucks Caramel Macchiato voor ons klaar staan (jawel, ook hier. Waarom toch niet in NL?). Onderweg kwamen we deze noeste werker tegen die met een schepnet de haven probeert schoon te houden. Hij zal voorlopig niet zonder werk zitten.

maandag 4 februari 2008


Fantastisch uitzicht vanaf Kowloon public pier op Hong Kong Island. Veel flats zijn extra versierd in verband met het aanstaande Chinese nieuwjaar.
Wel behoorlijk fris hier overigens (hoewel dat nu ook wel weer meevalt als je het vergelijkt met de treurige beelden uit de rest van China die CNN volcontinue teisteren, het is hier een graad of twaalf).
Na een lange vlucht met British Airways (inderdaad, worstje als ontbijt) in Hong Kong aangekomen om een uur of vier, na een vermoeiende & haastige overstap op Heathrow (wat is dat toch een vervelend vliegveld). We zijn hier nog niet aan heel veel meer toegekomen dan het op & neer wandelen van Natan Road, Absolute Heaven 4 shopjunkies (maar dat zijn we beide niet). Morgen gaan we in ieder geval Hong Kong Island verkennen, en misschien nog wel een chinees tempeltje hier of daar. Ik zit hier te typen met een mooi uitzicht op de stad vanaf de 22e etage, maar dan tel je hier nog niet echt mee, want er staan aardig wat gebouwen in de buurt die gemakkelijk het dubbele halen. Ondanks jetlag toch maar vroeg naar bed, want van slapen kwam in de jumbo nu ook weer niet zo héél veel terecht (hoewel het wel eens erger is geweest).