dinsdag 29 mei 2018

Kopenhagen en Humlebæk

Kort weekeinde Kopenhagen, om Sanne weer eens te zien (en om museum Louisiana te bezoeken).

Louisiana was druk, druk, druk (laatste weekeinde van een Picasso-tentoonstelling), maar toch erg leuk. Het museum ligt prachtig aan de Øresund (met Zweden op de achtergrond), en heeft een mooi collectie Giaometti (de beste beeldhouwer ever).

De dag erna hebben we eerst Sanne thuis opgezocht, en daarna op de fiets wat uithoeken van Kopenhagen verkend, zoals de lelijke maar architectonisch interessante Grundtvigs Kirke, en de pier voor grote cruise schepen, die echt een héél eind uit de stad ligt maar een mooi uitzicht op de haven biedt.

Heel gezellig met Sanne, en 2 van de 3 restaurants waren een succes... Snel opnieuw doen.

Bij de foto's:
- Linksboven: Loes, Sanne & "Må ikke berøres" van Alberto Giacometti
- Rechtsboven: de tuin van museum Louisiana, met een werk van Calder
- Linksonder: op weg naar de Grundtvigs Kirke
- Rechtsonder: Cirkelbroen en Skatteministeriet in het centrum



dinsdag 15 mei 2018

Portugal, part 5


Op de laatste dag van deze trip zijn we in Porto aangekomen, een bijzonder pitoreske en levendige havenstad gelegen aan de Douro.

Hoogtepunt is wellicht de uit 1886 stammende brug waar Gustav Eiffel zich nog mee heeft bemoeid, die de beide oevers op twee niveau's met elkaar verbindt met veel staal en veel klinknagels.

We moeten wel even wennen aan de drukte, want die hebben we verder in Noord-Portugal nog niet meegemaakt. Hier struikel je over de straat-artiesten en levende standbeelden. En omdat de oevers zo stijl zijn, is het verkennen van de stad hard werken.

Welnu, dat harde werk hebben we nu achter de rug. Morgen vroeg op en naar het vliegveld. Het was een heerlijke week.

Bij de foto's:
- boven: Porto, de Douro en Ponte Luis I (van boven)
- onder: Porto, de Douro en Ponte Luis I (van onder)

Portugal, part 4

Tussen Guimaraes en Viseu ligt een mooi wandelgebied, de Passadicos do Paiva. De club die het gebied beheert heeft een aparte website, waar staat dat men iedereen een 'serene ervaring in de natuur' wenst en om die reden de toegang reguleert middels de verkoop van toegangskaartjes.

Wij hadden (ruim van te voren) online 2 kaartjes (á 1 euro per stuk) gekocht, en waren dan ook zeer verrast dat er in het gebied een (politieke? sportieve?) manifestatie gaande bleek waardoor elke parkeerplaats in de wijde (en dan bedoel ik ook wiiiiiiiiijjjjjjjjde) omtrek in gebruik was. Er restte ons niets anders dan doorrijden (hetgeen nu ook weer niet zó erg was als je hoorde wat voor babylonische kakofonie er uit het bos opsteeg).

Inmiddels zijn we in Viseu, een stadje als een opera-decor. Wederom een prachtig centrum, met op het centrale plein een kathedraal, een kerk én een museum met kerkelijke kunst (hier is wel sprake van enige mate van overdaad). In de buurt is een oude spoorlijn omgebouwd tot pad voor fietsers en wandelaars, en daar hebben we een flink stuk van gelopen. Mooie natuur, mooie uitzichten, en lekker plat en recht (want treinen gingen niet zo snel omhoog, omlaag, naar links of naar rechts).

We hebben ook het Palacio do Gelo bezocht. Dat klinkt wellicht meer verantwoord dan het is, want het is een winkelcentrum met een ijsbaan (gelo = ijs). Het lijkt Dubai wel (en toch ook weer niet). De ijsbaan was er, maar de schaatsers niet. Er zijn wellicht ook niet veel portugezen die weten wat de bedoeling is, en wij hadden onze schaatsen niet bij ons ;)

Deze laatste pousada van onze trip (hierna hebben we alleen nog een 'gewoon' hotel in Porto) is nu eens niet een verbouwd klooster maar een verbouwd ziekenhuis. Dat is eigenlijk niet te merken, ook hier muren van een meter dik, massieve trappen, grote publieke ruimtes en kleinere kamers. Alleen de tuin ontbreekt (hadden monnikken die meer nodig dan patienten?)

Bij de foto's:
- linksboven: Loes op de 'Ecopista Dao' bij een verlaten station
- rechtsboven: de funicular van Viseu legt een kleine 400 meter af over een geel geschilderd parcours dat gedeeld wordt met automobilisten en voetgangers (die goed moeten opletten).
- onder: op het Rossio-plein zijn de Azulejos (portugese tegeltjes) in grote getale uitgerukt.

zaterdag 12 mei 2018

Portugal, part 3

Vanaf Viana zijn we, via achteraf weggetjes, door het natuurpark Peneda-Geres gereden, dat zich tot voorbij de Spaanse grens uitstrekt. Veel bloeiende planten, bijkans neolitische dorpjes, en wegen waar je hoopt geen tegenligger te treffen (dat ging over het algemeen goed).

Ons tweede verblijf, de Pousada van Amares, stamt deels uit de 11e eeuw, en dat is goed te zien. De renovatie uit de jaren negentig krijgt langzamerhand ook al enige historische allure. Prachtige tuin, zoals je op het filmpje hebt kunnen zien.

Tussen Amares en Guimaraes hebben we, ook al weer via smalle binnenweggetjes, de kapel van Nossa Signora da Lappa bezocht. Wordt in geen enkele gids genoemd, maar ik was er tegenaangestommeld op Tripadvisor en het leek me prachtig. En inderdaad, een kerkje dat onder/tegen een enorm rotsblok is gebouwd, op een verlaten heuveltop met nog veel meer grote rotsblokken. Mooi wandelgebied, en er was verder helemaal niemand.

Guimaraes is een heel ander verhaal. Een van de oudste steden van het land, waar de eerste onafhankelijke Portugese koning (Alfonso Henrique) werd geboren, en waar alle straatjes in het centrum nog middeleeuws zijn. Daarnaast een 'ducaal paleis' (in Anton Pieck-stijl gerenoveerd in de vroege 20e eeuw), een Castello met indrukwekkende donjon en kantelen en nog veel meer. Dus ook bussen en drukte. Hoewel, het museum voor moderne kunst hadden we geheel voor ons zelf, maar was desondanks (of misschien eerder, logischerwijs) een vergissing.

Deze derde pousada is een beetje de flagship store van het hele concept (zo vindt o.a. de Lonely Planet). Bij de lengte en breedte van de gangen en de overdaad van de vele lounges is het vrij lastig om serieus te blijven (hoewel dat de andere gasten en het vele personeel goed lukt). Ook dit is een klooster uit de 11e eeuw, mooi op een heuvel gelegen met uitzicht over de stad. Hele mooie verblijfplaats, maar door het contemplatieve karakter van al die pousada's krijgen we langzamerhand toch wel een beetje zin in een hip boetiekhotel. Nu ja, dat komt later wel weer eens.

Bij de foto's:
- 1e rij links: een 'espigueiro' (opslagplaats voor mais) in Brufe, een dorpje in de Peneda-Geres.
- 1e rij rechts: bloeiende bergen in de Peneda-Geres (uit de dashcam).
- 2e rij links: onze beetje vreemd ogende auto bij de kapel van Nossa Signora da Lappa
- 2e rij rechts: de kapel van Nossa Signora da Lappa
- 3e rij links: een van de lounges van de Pousada Mosteiro de Guimaraes
- 3e rij rechts: een schier eindeloze gang in de Pousada
- 4e rij links: bijzondere rotsen bij Penha
- 4e rij rechts: het oude centrum van Guimaraes (met Loes in de weg)

donderdag 10 mei 2018

Portugal, part 2

Vandaag zijn we via het Parque Nacional Peneda-Geres langs héle smalle weggetjes aangekomen bij de Pousada de Amares, een verbouwd klooster uit de 12e eeuw, met hele brede gangen en hele kleine kamertjes (zoals dat blijkbaar hoort voor monniken). Prachtig verblijf.

woensdag 9 mei 2018

Portugal, part 1

We trekken een weekje door Noord-Portugal.

Gisteravond zijn we vrij laat aangekomen in onze 'pousada'. Dat is Portugees voor 'staatshotel', maar als dit visioenen van communistische treurnis opwekt is dat niet juist. Pousada's zijn vrijwel altijd omgebouwde historische kloosters, kastelen, etc., op mooie locaties. Zo ook de Pousada de Viana do Castello: gelegen op een heuvel aan de monding van de rivier de Lima, met uitzicht op de oude stad, de rivier, een neo-bijzantijnse kerk die wel wat weg heeft van de Sacre Coeur (die goed beschouwd ook aardig nep oogt), in de verte een mooi zandstrand en veel zee. Viana do Castello is een prachtig provincieplaatsje, met veel historische gebouwen en pleinen, en veel kledingzaken wier assortiment nog uit de jaren 50 stamt.

Toen we later, via een brug van Gustav Eiffel (die heb je veel in Portugal, lijkt het), naar het strand gingen, stak er een zodanig koele wind op dat we het plan van een strandwandeling snel lieten varen. In plaats daarvan zijn we naar Pont de Lima geweest. Die 'pont' is een Romeinse brug, die nog prima voldoet, althans voor voetgangers. Veel van die voetgangers zijn pelgrims, op weg naar Santiago of een ander 'heilig' oord hier in de buurt. We troffen ze op een moment van contemplatie. Althans, er zaten er minstens 100 aan het begin (of einde) van de brug te wachten op de dingen die komen gaan. Ondertussen hebben wij de rest van het pitoreske plaatsje verkend. Wellicht zitten ze er nog...



Bij de foto's:
- boven: uitzicht op Viana do Castello vanaf ons micro-balkon in de pousada
- linksonder: het Castelo Santiago da Barra is omringd met moderne havenactiviteit
- rechtsonder:  ons micro-balkon

zaterdag 24 februari 2018

Fuerteventura, part 4

Onze laatste volle dag op Fuerteventura, morgen vroeg op en terug naar de kou.

Na een nacht vol regen begint deze laatste vakantiedag veelbelovend met een blauwe lucht. Vanuit onze casa kijken we al de hele week uit op een vulkaan, de Gairia, en vandaag besloten we om daar in de buurt maar eens te gaan wandelen. Bij Tiscamanita rechtsaf, en waar de weg te modderig of stenig wordt verder te voet. Niet echt duidelijke paden, maar een prachtige route door en langs de caldera. De route naar de top was ons iets te steil, maar onderlangs was ook heel mooi.

Daarna door naar de oostkust bij Las Salinas, 'de zoutwerken', waar men al eeuwen zeewater laat verdampen om aan zout te komen. Pittoreske zoutpannen, het lijkt me niet héél hard werken, want de zon doet het meest.

Voor onze laatste avond op het eiland zijn we teruggekeerd naar Ajuy, waar we onverwacht toch nog een mooie zonsondergang meekregen, na een wisselvallige middag.

Het was een heerlijke week, die ons des te beter bij zal blijven door de arctische ervaringen die ons bij terugkeer staan te wachten.

Bij de foto's:
- links: zicht op de caldera van de Volcano de Gairia
- rechts: de zoutpannen bij Las Salinas

vrijdag 23 februari 2018

Fuerteventura, part 3

La Pared is niet veel meer dan een resort met een (low key) golfbaan ernaast aan het einde van een dirt road, maar het ligt prachtig aan de voet van de Montana Cardon, en aan een heel mooi stuk kust. Hier hield vroeger Fuerteventura op, en kon je in de verte het aparte eiland Jandia zien liggen. Maar in de loop der millenia is de zee-engte tussen beide opgevuld geraakt met zand, en sindsdien vormen beide één eiland. Een mooie afwisseling van zandstranden, rotskusten, en, het is niet anders, nudisten op leeftijd. En een enorm heftige branding die een enkele surfer de zee in lokt. De meeste zitten verder naar het zuiden, waar de golven nog hoger schijnen te zijn.

Vandaag zijn we naar het noorden van het eiland afgereisd, waar we nog niet waren geweest. Koffie in La Oliva, naar verluidt 'het op één na mooiste dorp van Fuerteventura'. Wij kunnen alleen vaststellen dat het inderdaad niet mooier is dan Betancuria, maar hopen ook dat het niet mooier is dan menig ander dorp op het eiland, want wij waren in het geheel niet onder de indruk van La Oliva.

Snel door naar de kust, naar El Cotillo, wél een leuk plaatsje, dat bovendien 90% van alle restaurants op het eiland lijkt te bezitten. Ook hier een mooie kustwandeling gemaakt, maar die hebben we wel wat ingekort omdat het weer behoorlijk dreigend werd (het leek wel avond, zo zwaar werd de bewolking). Gelukkig blijft het vooral bij dreigen, meer dan een enkele druppel is er (nog) niet gevallen.

Bij de foto's:
- links boven: palmenbos in Pajara
- rechts boven: de kust bij La Pared
- onder: het altijd levendige La Oliva

woensdag 21 februari 2018

Fuerteventura, part 2


Gisteren een mooie wandeling gemaakt bij Vega de Rio Palmas in de Barranco de las Penitas. Na een tocht door een droge rivierbedding, langs een drooggevallen stuwmeertje en een stuwdam, kom je na enig geklauter uit bij een klein kapelletje met prachtig uitzicht. De vele parafernalia wekken de indruk dat hier nog verbluffend veel mensen langs komen om een wens te doen, ook al is het een raadsel hoe een lamme of blinde hier terecht zou moeten komen om die wens in te dienen. Wel een hele mooi plek, en een prachtige tocht.

Het avondeten was eerst minder succesvol; ons eigen dorp kent één restaurant dat altijd dicht is, en van de 3 restaurants die we in de middag in Pajara hadden gezien bleek er 's avonds nog maar één open, met alleen foute pizza's & burgers. Dan toch maar weer een heel andere kant op (Antigua) waar de keuze ook beperkt bleef tot één onooglijke zaak, waar men echter verbluffend goed bleek te kunnen koken (tussen de luidruchtige renovatiewerkaamheden door). En toen Loes als uitsmijter ook nog een roos meekreeg bleek de naam van de zaak ('todo bueno', 'alles goed') treffend gekozen. Eind goed al goed.

Vandaag op pad naar de zuidpunt van het eiland. De laatste 30 kilometer voorbij Morro Jable rest er niets anders dan een onverharde weg, die in slechte conditie is en bovendien best wel druk. We zijn al vrij snel na Morro Jable uitgestapt om een wandeling te maken, en van daaruit teruggekeerd, dus de vuurtoren 'aan het einde van de wereld' hebben we net niet gehaald (wel gezien in de verte). Aan de andere kant, er zijn hier wel meer vuurtorens, en die van Morro Jable is ook heel hoog.


Bij de foto's:
- links boven: de Barranco de las Penitas
- rechtsboven: het begrip 'drooggevallen rivierbedding' is relatief
- onder: Jandia, voorbij Morro Jable, met zicht op de uiterste zuidpunt van Fuerteventura

maandag 19 februari 2018

Fuerteventura, part 1

We zijn al aardig wat keren op een Canarisch eiland geweest, maar hebben nog niet eerder zo'n mooi huisje gehad als deze keer op Fuerteventura. Casa La Morisca ligt in de periferie van Tuineje, in een ruime tuin met eigen zwembad (dat nu nog wel erg, wellicht zelfs , koud is) en mooi uitzicht over de omgeving. Met luxe keuken (misschien moeten we toch maar niet elke dag uit eten gaan), regendouche, heerlijk bed en al het tuinmeubilair dat je je kunt wensen (en meer). Prima uitvalsbasis om het eiland te gaan verkennen.

Gisteren zijn we naar de westkust bij Ajuy geweest, waar je een kustwandeling kunt maken waar geologen natte dromen van krijgen. De gelaagdheid van het gesteente aan de kust laat heel goed zien dat de zeespiegel vroeger veel hoger heeft gestaan dan nu. Mooie rotsformaties en mooie uitzichten, en een fijne tapasschotel als toegift.

Vandaag via een bergachtige route (onverwacht, iedereen en elke gids beweert dat Fuerteventura een grote zandbak is, maar wij komen nog aardig wat bergen tegen) naar Betancuria, naar men zegt het mooiste dorp van het eiland. De rest hebben we nog niet gezien, maar dit was in ieder geval mooi, met een pitoresk kerkje gelegen tegen een barranco (rivierbedding, meestal droog) en mooie oude straatjes daaromheen.

Betancuria was ook het vertrekpunt voor een wandeling bergop richting Antigua (de omgekeerde route van een pelgrimstocht, hetgeen eigenlijk wel strookt met onze overtuigingen), met als beloning een prachtig uitzicht over Antigua en de noordelijke helft van het eiland. Inspannend maar toch nog goed te doen, bij een temperatuur van een kleine 20 graden.

Bij de foto's:
- links boven: Casa La Morisca
- rechts boven: het kustpad bij Ajuy
- links onder: de omgeving van Betancuria
- rechts onder: op weg naar Antigua

donderdag 9 november 2017

Namibie, part 8

Vanuit Swakopmund hebben we ons door Californische Jay laten rondrijden door het Dorob National Park, in en om de bedding van de Swakopmund rivier, op zoek naar een plant. Te weten de Welwitschia, die 2.500 jaar oud kan worden en die (in al die tijd) slechts 2 bladeren heeft. Een trage groeier dus, maar wel een volhouder. Na een lange hobbelige rit door een soort van maanlandschap waar geologen ontzettend enthousiast van schijnen te worden, kwamen we inderdaad uit bij, laten we zeggen, 'Welwitschia Avenue', een zandpad met enkele tientallen van die planten bij elkaar. Waarom dáár een clustertje, en verder in de wijde omtrek helemaal nergens, de wetenschap staat voor raadsels. Wél vrij zeker is dat Sir David Attenborough hier ook heeft gestaan (al ontbreekt de plaquette).

Na nog een genoeglijke middag in Swakopmund zijn we nu doorgereden naar Cape Cross, 140 kilometer naar het noorden langs de 'Skeleton Coast' (vanwege de vele schepen die hier zijn vergaan). Één pitoresk wrak hebben we gezien, volledig overgenomen door vogels, de overige wrakken liggen wat verder naar het noorden.

Cape Cross bestaat uit een kolonie van Kaapse pelsrobben en een lodge, gelukkig met een beetje ruimte ertussen, want wij zitten in die lodge en zo'n kolonie stinkt héél erg. Wel een mooi gezicht natuurlijk, al die beesten bij elkaar. En ook een boel herrie trouwens.

Vanuit de lodge zien we af en toe een (beetje) verdwaalde pelsrob op het strand, met daar achter slierten van trekvogels (aalscholvers?) die allemaal naar het zuiden vliegen.

Morgen nog een lange rit (wel over asfalt) naar Okahandja, waar niet veel te beleven is, en overmorgen naar het vliegveld. Dus wellicht is dit onze laatste post.

Bij de foto's:
- linksboven: 'Weliwitschia Avenue' in Dorob National Park
- rechtsboven: twee Welwitschia's
- linksonder: de brede en lege straten van Swakopmund
- rechtsonder: Cape Cross, voormalige picknickplaats voor Homo Sapiens

dinsdag 7 november 2017

Namibie, part 7

De slechtste wegen liggen nu wel achter ons, want we zijn inmiddels in Swakopmund aangekomen. Dat is een geliefd overwinteringsoord voor Duitsers op leeftijd, want er zijn uit de koloniale tijd genoeg zaken overgebleven om je thuis te voelen (als je een Duitser bent, voor anderen is het vooral vreemd om ineens voor kaufhaus Woermann te staan).

Onze laatste dag in de Desert Homestead hebben we vooral geluierd bij en in het zwembad, en een korte bergwandeling in de omgeving gemaakt. We mochten toch ook wel een beetje uitslapen, nadat we de vorige dag om 4.30 uur waren opgestaan voor onze trip naar Dead Vlei & Sossusvlei. We hadden de gehele lodge zo goed als voor ons alleen, want vrijwel iedereen was vandaag bezig met die lange trip.

Op weg naar Swakopmund kom je langs Solitaire, wereldberoemd in onze extended family, en natuurlijk reden om er weer een stukje appeltaart te eten. Het is niet meer dan een benzinepomp (booming business met banden plakken), een bakkerij, een restaurant en een kleine lodge, omgeven door autowrakken. Maar desondanks is het er gezellig druk, want iederen die langs komt wil wel even uitstappen.

We waren er al achter dat Google nogal optimistisch is in zijn schattingen van reistijden, maar op de rit naar Swakopmund bereikte de mismatch tussen Google-fictie en (onze) realiteit een nieuw hoogtepunt, want we deden er met bijna 8 uur 2 keer zo lang over. Het zal wel komen omdat we proefondervindelijk hebben vastgesteld dat die andere fictie ('als je maar snel genoeg over een slecht wegdek rijdt heb je er veel minder last van') naar de mestvaalt der onjuist hypothesen kan worden verbannen. Wijzelf en onze auto trillen gewoon uit elkaar als we dat doen. Dan maar wat langer onderweg.

Bij de foto's:
- 1: Een groep Oryxen komt langs bij de Desert Homestead Lodge
- 2: Stop in Solitaire; zó slecht is onze auto nu ook weer niet
- 3: De vreemdste snuiter die we tot nu toe tegen kwamen (mogelijk had hij er al 300 kilometer lopend opzitten sinds de laatste nederzetting, en nog 30 te gaan tot de eerstvolgende). Overigens kwamen we ook 2 fietsers tegen, even niet peddelend maar rustend onder een open tentafdakje op het heetst van de dag
- 4: De Duitse huizen van Swakopmund, met de woestijn op de achtergrond