woensdag 27 augustus 2008

Bretagne, part II


Om half vijf kwam het verlossende telefoontje van de ANWB: auto klaar. Maar wel in een garage in Pleugueneuc, zo'n 40 kilometer verwijderd van ons hotel. Dus eerst nog een taxi regelen die er voor kon zorgen dat we vóór zessen ter plaatse waren. Dat is gelukt: 17.46 uur.

In de ochtend zijn we met de bus naar Saint Malo gegaan, een mooie middeleeuwse stad aan zee hier in de buurt. Het is omgeven met allerlei eilandjes / schiereilandjes (afhankelijk van het getij), waarop ook weer mooie forten staan (foto). Het schijnt dat er regelmatig toeristen verrast worden door de vloed, zodat ze een paar uur vast zitten totdat de zee weer is gezakt. Overigens zie je, als je goed kijkt, dat er toch wel veel verloren is gegaan in W.O.II, maar het is mooi gerestaureerd.

In de middag wat om het huis gelummeld en in de omgeving gewandeld, in afwachting van het verlossende telefoontje (wat dus inderaad kwam).

En zojuist (na wederom een mosselmaaltijd in de haven) nog een korte wandeling gemaakt op de Pointe de Grouin, een mooie ruige klif om de hoek van Cancale. Het leek er sterk op dat we een zeehond hoorden, maar we hebben hem niet weten te spotten.

Morgen terug naar huis.

dinsdag 26 augustus 2008

Bretagne, part 1

Hmmm, matige dag.

We begonnen goed met een bezoekje aan 'Le Menhir du Champs-Dolent' (foto), volgens de overlevering naar beneden gepleurd om twee vechtende broers uit elkaar te halen. En een bezoekje aan Dol-de-Bretagne, een leuk dorp om de hoek van de menhir.

Maar nadat we een hotel geregeld hadden in Cancale, en er helemaal klaar voor waren om de omgeving te gaan verkennen, bleek de auto stuk. Vermoedelijk heeft de startmotor de geest gegeven, en daar kon de in allerijl opgetrommelde plaatselijke mechanicien ook niets aan verhelpen. Dus via de ANWB een Volkswagen-dealer besteld, die er net met onze auto vandoor is (zielig met de twee voorwieltjes in de lucht bungelend achter een bergingswagen). Hopelijk is hij morgen klaar. Gelukkig zitten we op loopafstand van het dorp (althans, dat denken we. We gaan het zó uitproberen). En morgen wordt een rustige dag in de tuin van het hotel.

maandag 25 augustus 2008

Op de grens van Normandië & Bretagne, part II


Na een meer dan adequaat ontbijt in de serre van ons hotel, zijn we al vroeg afgereisd naar Mont Saint Michel, in de hoop om de drukte voor te zijn. Op het eerste gezicht leek dat niet erg gelukt, want er stond al aardig wat geparkeerd en ook het (ene) straatje was al goed gevuld. Toen we echter een uurtje later, na ons bezoek aan de abdij, weer wilden afdalen, was er bijna geen doorkomen meer aan, dus achteraf waren we toch nog op tijd.

Vanuit de abdij heb je een prachtig uitzicht op de omringende baai met al zijn getijdegeulen (zie foto). Er waren nog behoorlijk wat wadlopers actief. Die moeten natuurlijk wel goed de tijd in de gaten houden, want het getij komt hier met een enorme snelheid opzetten. Onder bepaalde condities zelfs sneller dan een galloperend paard (zegt men).

Daarna hebben we nog een andere kustplaats bezocht, Granville, waar de oude stadsmuren hier & daar voorzien zijn van (Duitse) verdedigingswerken. En Engeland lijkt vlakbij (Jersey).

zondag 24 augustus 2008

Op de grens van Normandië & Bretagne

Vanochtend vrij vroeg uit Le Havre vertrokken, met regenachtig weer. Al snel kruisten we de Seine, die hier, zo vlak bij zee, behoorlijk breed is geworden, via een nogal spectaculaire nieuwe brug (dat mag ook wel voor 5 euro tol enkele reis). En pal aan de overkant ligt dan Honfleur (foto), een vissershaven met een prachtig historisch centrum, al maakt het vele leisteen wel een treurige indruk in de regen. Tijd voor de eerste koffie.

We hebben een hotel gevonden in de buurt van Avranches, op een steenworp afstand van le Mont Saint Michel, die we morgen willen bezoeken. Alles is hier nogal pastellerig, en de kamers hebben geen nummers maar planten-namen (wij verblijven in 'iris', maar moeten morgen mogelijk verkassen naar een andere plant/kamer). Maar wel overal draadloos internet (zoals je ziet).

We hebben de middag besteedt aan een bezoek aan Fougéres (foto, hier in de buurt), met, naar men daar zelf zegt, het grootste intacte middeleeuwse fort van Europa. Welnu, het is zeker groot. Wij vluchtten van toren naar toren, om vanonder een afdakje foto's te kunnen maken, want de miezer bleef komen vandaag. Als je goed kijkt zie je links op de foto een tourgroep onder een dak van paraplu's. Gelukkig geeft de internationale buienradar aan dat het de komende dagen droog blijft in Bretagne.

zaterdag 23 augustus 2008

Normandië

Onze eerste bestemming, Etretat, bleek volledig volgeboekt, en overigens ook maar moeizaam begaanbaar door de grote hoeveelheid toeristen. Zelfs in het meest luxueuze verblijf (160 euro plus, naast de golfbaan) kon ons niet meer herbergen, dus zijn we doorgereden naar Le Havre, 20 kilometer verderop, met minder natuurschoon en volledig platgegooid in W.O.II, dus volop plaats in de hotels. Vandaaruit teruggekeerd om Etretat & omgeving te verkennen. Prachtige wandelpaden langs de krijtrotsen, met af & toe diepe afgronden op korte afstand. Op de foto uitzicht op de meest markante rotsformatie van Etretat, maar ze hebben er meer. En in Yport & Fecamp (dorpjes even verderop aan de kust) is het al net zo fraai. Gewend aan de Nederlandse zomer heb ik niet aan zonnebrand gedacht, en ben ik nu dus vrij rood. Dat trekt echter wel weer bij. Morgen door naar Bretagne.

vrijdag 25 juli 2008

Vlieland


Na onze lange reis in februari & maart doen we het nu maar eens rustig aan met een weekje Vlieland. En hoewel daar aanzienlijk minder te zien is dan in (bijvoorbeeld) Australië, was het toch een aangename week, met veel zon, wind & water (ook van bovenaf trouwens).

Niet veel rust op de Vliehors overigens, want de straaljagers waren op hun straaljagerst. En voor ons doen veel gebarbecued (namelijk 1 of meer keer).

zondag 23 maart 2008

Singapore

Het is ruim anderhalf jaar geleden dat we in Singapore waren (aan het einde van onze reis naar Borneo), maar als we hier over North Bridge Road wandelen, op weg naar de Raffles Food Court, lijkt het korter geleden want alles ziet er zeer vertrouwd uit. Het klimaat is in deze tijd van het jaar wel wat anders: niet erg heet (29 graden) maar een luchtvochtigheid die de meter ver in het rood doet uitslaan, en een bewolkte hemel die er voor zorgt dat daar geen verbetering in komt. Één van de beste dingen die je kunt doen in Singapore is eten. Alle variaties van Indiaas & Chinees, heerlijke verse vruchten- & groente-sappen, en dat alles gepresenteerd in een Aziatische uitvinding die helaas maar niet wil aanslaan in Europa: de Food Court. Dat wil zeggen: een 'plein' (meestal overdekt) met tafeltjes, met daaromheen tientallen onafhankelijke restaurantjes. De een verkoopt alleen soep, een ander alleen dumplings, en weer een ander alleen toetjes. Je loopt een rondje om het plein om je keuze te maken en bestelt & betaalt je spullen bij de betreffende counter. Voor het avondeten bezoeken we echter een oude bekende: Madras New Woodlands in Upper Dickson street, Little India (mocht iemand van jullie binnenkort deze kant op gaan, onthou dat adres). De lekkerste Thallis-schotel ter wereld (voor zover wij steekproeven hebben genomen). En dat is geen toevalstreffer, want we hebben hier ook gegeten in 1993, 1996 & 2006. En het meest markante personeelslid, een man van onbestemde maar hoge leeftijd, die we de eerste keer al vrij oud vonden om nog te werken, is er ook nog steeds. We kwamen er alleen niet helemaal uit of hij nu nog steeds dezelfde antieke bril droeg, of een nieuwe antieke bril had aangeschaft. Chinatown blijft ook heel erg leuk, met als hoogtepunt de Tian Hock Keng Temple, al moet je daar wel wezen tussen de toeristenbussen door (hetgeen ons deze keer niet lukte).

vrijdag 21 maart 2008

Queensland, part 11

Mogelijk onze laatste post, mogelijk doen we in Singapore nog wat.
De auto, een van de drie waarmee we de afgelopen 7 weken totaal ruim 8 duizend kilometer hebben afgelegd, gaan we morgen inleveren.
Van de Australian Zoo naar Brisbane vrijwel één grote file op de andere weghelft. Het lijkt wel of iedereen aan een lang vrij (paas)week-einde begint en de stad verlaat (op weg naar al die mooie plaatsen die wij net achter ons hebben liggen). Onze verwachting dat de stad dan wel uitgestorven zou zijn bleek echter niet juist: de ‘andere iedereen’ zit langs de oevers van de Brisbane River te genieten van een smoothie of burger, in het gras of op het stadsstrand.De rivier meandert mooi door de stad, en als je de skyline bekijkt is het eigenlijk moeilijk voor te stellen dat Adelaide (met één torenflat & geen verkeer) een grotere stad is dan Brisbane (met tientallen torenflats & veel verkeer). Hoe dan ook, dit zullen onze laatste momenten in Australie zijn. En wat we het meest zullen onthouden: veel ruimte & enorme afstanden, indrukwekkende natuur, veel ‘mates’ & ‘no worries’.

Queensland, part 10

Nou vooruit dan maar……We gaan erheen! Al is het alleen maar om er eens geweest te zijn. We rijden er practisch langs op onze route van Noosa naar Brisbane. Op aanraden van Lonely Planet is dit een ervaring die je niet kunt missen: The Australian Zoo van wijlen Steve Irwin, de druktemaker bekend van de T.V. als The Crocodile Hunter. Populair geworden door zijn geworstel met reptielen, zoals slangen, en bovenal krokodillen. De Zoo was zijn levenswerk en na zijn dood in 2006 (zoals we allemaal op het nieuws konden vernemen is hij dodelijk geraakt door een pijlstaartrog tijdens filmopnamen in The Great Barrier Reef) zet zijn familie de Croc Hunter’s Legacy of Animal Conservation and Education met groot enthousiasme voort. Het eerste wat je te wachten staat na de kassa is een grote bonzen beeldengroep van Steve & familie. Zijn beeltenis is sowieso onontkoombaar op deze plek, die een soort mengeling is van dierentuin, pretpark & epicentrum van persoonsverheerlijking op Quasi Noord Koreaanse wijze. Hoewel we vroeg arriveren is het al een drukte van belang (mede door de Goede Vrijdag Crowd) en worden we omsingeld door families met veel kinderen (al dan niet in kinderwagens). Gelukkig is het nog niet druk bij een belangrijk hoogtepunt van ons bezoek: het ‘Koala Photo Moment’. Voor 14.95 dollar of 19.95 dollar kun je een kleine of grote foto laten maken van jezelf met een koala op je arm (5 dollar extra voor een cd-rom), en een mooie berg op de achtergrond. Typisch iets voor ons natuurlijk…… En hoe schattig ze er ook uitzien, koala’s hebben akelig scherpe nagels dus het valt nog niet mee om ze á la baby vast te houden. Gelukkig slapen ze bijna altijd (of, zoals een begeleidend bordje dat we elders zagen uitlegt: koala’s are not lazy, they are merely preserving energy. Een smoes die het onthouden waard is voor persoonlijk hergebruik in allerlei mogelijke situaties). Even later is de dierentuin ineens vrijwel leeg. Het duurt even voor we doorhebben hoe dat komt: de grote Wild Life Show is begonnen in het Crocoseum-Theater (capaciteit 5.000 personen, en goed gevuld, bleek later). Een reeks nazaten van Steve vertelt over allerlei dieren, die vervolgens braaf komen aan vliegen, lopen of zwemmen. De details zijn goed te volgen op de giga Video-wall die één zijde van het sation siert. Elk dier wordt daarvor beloond met een donderdend applaus, maar of ze het daar voor doen?

woensdag 19 maart 2008

Queensland, part 9

Gisteren voor het laats een lange autorit ondernomen. Nog ruim op tijd zijn we gearriveerd bij Hervey Bay om daar de auto te stallen en de middagboot te nemen naar het paradijslijke Fraser Island (zoals zoveel hier op de world heritage list). Een heerlijk boottochtje van ongeveer 45 minuten brengt ons naar het enige verblijf op het eiland: een groot eco-resort met alle voorzieningen die een reiziger zich kan wensen en dat op een mileuvriendelijke wijze. Terwijl de meeste bezoekers de korte afstand naar het resort in een speciaal daarvoor gereserveerd busje afleggen lopen wij het traject over de lange pier en een kort stukje over de weg naar de receptie. Eenmaal daar aangekomen konden we nog net een deel van de meet&greet meemaken. In de majestueuze grote hal staat een televisiescherm waarop continu een natuurdocumentaire, o.a.van David Attenbourough, wordt vertoond. Om alvast in de stemming te komen. Over de op het eiland aanwezige flora en fauna is informatie te vinden en in de categorie natuurdiscoveries voor elk wat wils. Een variatie aan korte wandelingen met of zonder gids tot aan meerdaagse trektochten of 4WDrives. Gelijk met de duisternis van de avond valt ook de zoveelste tropische regenbui. De volgende dag maken we o.a. een wandeling over het kilometers lange en verlaten strand waar duizenden kleine krabjes (zogenoemde ‘soldier crabs’) zijwaarts over het zand ‘marcheren’. Zo gauw je in de buurt komt graven ze zich in. Hun aanwezigheid laat een spoor na van ontelbare kleine zandbolletjes.

dinsdag 18 maart 2008

Queensland, part 8

Weer een stuk verder zuidwaarts (ruim 400 kilometer), en het suikerriet houdt nu eindelijk op (of wordt op z'n minst afgewisseld met andere spullen). Het landschap gaat weer meer lijken op dat van New South Wales (onder Sydney), waar we begonnen zijn: een soort savanne met eucalyptusbomen en waarschuwingsborden voor koala's. We overnachten op Langmorn Station, een grote cattle-ranch zo'n 20 kilometer ten westen van de Bruce Highway (de enige doorgaande weg van noord naar zuid), te bereiken via smalle weggetjes die steeds graveliger worden. Op weg daar naar toe (maar wel al op het grondgebeid van de ranch) komen we de cowboys al tegen, die met behulp van vlijtige hondjes een kudde Indiase koeien (merk: brahman) in het gareel proberen te krijgen. Mevrouw Leonie Creed ontvangt ons op haar Ranch, nog gebouwd door opa in de late 19e eeuw, en nu zo'n 110 vierkante kilometer groot. Ze heeft het naar eigen zeggen druk, omdat haar man afgelopen weekeinde net herkozen is tot burgemeester van de Gladstone Regional Council met als slogan "It's the track record that counts". Als de heer des huizes enige tijd later arriveert moeten we samen op de grote leren bank, onder het genot van een fles witte wijn, een knabbeltje & een dipsausje, naar het nieuws van 6 uur kijken om te zien hoe hij het interview met de lokale omroep er van af heeft gebracht. De ranch is een prachtig houten pand in de klassieke Queensland stijl (veranda rondom, veel hout, alle kamers achter elkaar vol met antiek meubilair). In de tuin hoppen moederloze jonge kangoeroes & walibi's die hier worden opgevangen. Dit alles laat onverlet dat onze gastvrouw voldoende tijd voor ons kan vrijmaken om een wijde waaier aan onderwerpen met ons te bespreken, waarvan de meeste van een conservatieve blik getuigen. Zo weten we weer wat meer over de dood van Diana (was zo geregeld door Elizabeth), de opwarming van de aarde (niet door mensen veroorzaakt), en nog vele andere zaken. Het voelt een beetje alsof je bij de Engelse landadel op visite bent (hoewel die wel niet aan Bed & Breakfast zullen doen). Pa & de zonen verzamelen oude vrachtwagens (toch ruimte zat), en vliegen ook regelmatig een van de twee prive vliegtuigen naar een andere van de vijf air-strips die op het eigen grondgebied beschikbaar zijn. En eens in de twee jaar is het in juli helemaal bal, want dan organiseert Leonie een air-show waar meer dan 200 vliegtuigen voor komen opdagen (die dus allemaal in de eigen achtertuin passen). Behalve het genoemde vee stappen er in de weide ook nog een paar kamelen rond. Zij zijn ingezet om het ongewenste weed tussen het gras weg te kauwen. Na het ontbijt en de ochtendwandeling werden we uitgezwaaid door Leonie, en begonnen we aan de volgende autorit (grotendeels door het gebied waar George Greed nu mayor van is) Het was een bijzondere logeerplek.

Op de foto links: Ronald op z'n vrachtwagenchauffeurst met antieke Mack Truck. Rechts: Loes met Skippy de Walabi (nét nadat die de boterham van Loes heeft afgepakt).

zondag 16 maart 2008

Queensland, part 7

We zijn vandaag weer een flink stuk afgezakt langs de kust van Queensland. Aan het landschap zie je dat nog niet erg: regenwoud of suikerriet, iets anders kennen ze hier niet. Voor onze overnachting moesten we een stuk naar het westen, het binnenland in, naar Eungella National Park. Een van de hoogtepunten daar is de Finch Hatton Gorge. Zoals je misschien niet weet was Finch Hatton de minnaar van Isac Dinesen (a.k.a. Karen Blixen), die in de gouden tijden van het kolonialisme vanuit Denemarken vertrok naar Kenia om daar een koffie-plantage te stichten. Dat zou nu niemand meer iets zeggen, ware het niet dat dit verhaal verfilmd is als 'Out of Africa', met Robert Redford in de rol van Finch Hatton (en dat terwijl hij in het echt niet erg knap was, maar dat terzijde). Of deze zelfde Finch Hatton ook in Australie heeft rondgetrokken, of dat zijn geslacht hier een dorp heeft gesticht, weten we niet. Mogelijk staat er bij de Gorge een bordje met uitleg, maar zoals je op de foto ziet is onze poging om daar te geraken gedwarsboomd door een overspoelde weg. Er waren wel mensen (en auto's) die het er op waagden, maar wij waren door onze verhuurder op pad gestuurd met een horrorverhaal over andere huurders die tegen 10.000 dollar schade waren aangelopen door een vergelijkbaar avontuur. Dus nee.

Inmiddels wel weer twee typische OZ-dieren van ons lijstje kunnen schrappen: de platypus (vogelbekdier, de voorkant zit rechts) & de possum (possum?). En we weten nu ook hoe emu smaakt.