Het eerste is mooi maar streng, het wordt gedomineerd door een onsympathiek ogend kasteel dat boven alles en iedereen uit torent. De hoofdstraat is zo smal dat het verkeer slechts één kant tegelijk op kan, hetgeen in principe gereguleerd wordt met verkeerslichten, maar die doen het niet. Dan rest alleen de vlucht in het ongewisse (en gelukkig, wij kwamen geen tegenligger tegen).
Tourtour staat, net als Moustiers-Sainte-Marie dat we eerder bezochten, hoog op de officiele lijst met 'allermooiste Franse dorpen'. Het ligt op een heuvel (met de kerk natuurlijk op het hoogte punt), met fraai uitzicht over de Haute Var. En verder een aaneenschakeling van mooi vervallende eeuwenoude huizen en huisjes.
Na heel veel autoroute (en vreemd genoeg veel lagere tolgelden dan op de heenweg) zitten we nu in Nancy, en dat is een heel andere vibe. Het lijkt wel alsof hier alleen maar studenten wonen, en het aantal eettentjes en kroegen is dan ook niet te tellen. Even fijn slenteren op de Place Stanislas, onderwijl genietend van de etalages met het foeilelijke maar peperdure 'Daume' glaswerk dat lokaal wordt gefabriceerd en wereldberoemd schijnt te zijn (wellicht alleen wereldberoemd in Nancy zelf). Wel een parchtig plein, hoor. En een leuke afsluiting van een (ruime) week Frankrijk.
Bij de foto's:
- linksboven: Entrecasteaux, het kasteel (fort) en de kasteeltuin
- rechtboven: Twee petiterige straatjes in Tourtour
- linksonder: Place Stanislas, een van de fontijnen, deze zomer (blijkbaar) in het paars uitgelicht
- rechtsonder: Place d'Alliance
vrijdag 1 oktober 2021
Frankrijk, Entrecasteaux, Tourtour & Nancy
woensdag 29 september 2021
Frankrijk, Cotignac 2, Gorge du Verdon 3
In de middag hebben we de grotten verkend waarin zich vele eeuwen geleden de eerste Cotignaciens hebben gevestigd. Ze bevinden zich in een stijle wand die achter het huidige stadje opdoemt, en het vereist dus nogal wat klauterwerk om ze te verkennen. Maar zeker de moeite waard.
Eerder hadden we al de 'rive doite' van de Gorge du Verdon verkend, vandaag deden we de 'rive gauche'. Hoogtepunt (letterlijk) was de Pont de l'Artuby, een op zich niet zo héél bijzondere brug, die zich echter een kleine 200 meter boven het riviertje de Artuby bevindt en daardoor wordt het toch wel een bijzondere plek. Verder weer heel veel mooie uitzichten, en natuurlijk eindeloos veel bochten.
Bij de foto's:
- linksboven: markt in Cotignac
- linksmidden: zicht op Cotignac van nabij de grottenwand
- linksonder: klauteren in de grotten van Cotignac
- rechtboven: Loes op de Pont de l'Artuby
- rechtsonder: de Gorge du Verdon
maandag 27 september 2021
Frankrijk, Gorge du Verdon 2
Eerst koffie in Moustiers-Sainte-Marie, een prachtig bergdorp in de buurt van de plek waar de gorge uitmondt in het (stuw)meer van Lac de Sainte Croix. Een hele ruige omgeving, met stevige huizen en hoge pieken, maar alle winkeltjes verkopen zeep, lavendel, of lavendel-kleurige teddyberen. Vreemd contrast.
Daarna door, via een intens slingerende weg, naar La Palud-sur-Verdon, alwaar de D23 begint en eindigt, een prachtige 'loop' van een weg (grotendeels éénrichtingsverkeer) die je in een kilometer of 25 langs heel veel mooie uitzichtspunten leidt. Veel starts en stops dus, en ook nog relatief druk in de verder al zo naseizoenerige Provence.
Bij de foto's:
- linksboven: Moustiers-Sainte-Marie, het vlekje op '10 over' is een vijfpuntige ster die daar ooit is bevestigd door een kruistochtridder als dank voor zijn bevrijding uit de handen der heidenen (nou ja, in de jaren 50 van de vorige eeuw kwam ze naar beneden, dus dit is een replica, maar dat is bij deze resolutie toch niet te zien)
- rechtboven: lavendelberen in Moustiers-Sainte-Marie (wie zou ze kopen?)
- linksonder: uitzichtspunt bij de Verdon, de geiten verwachten voedsel van ons, en worden anders sikkeneurig
- rechtsonder: het dal van de Verdon. Ergens rechts kleeft nog een klimmer tegen de bergwand (ook dat is in deze resolutie niet echt te zien)
zondag 26 september 2021
Frankrijk, Cotignac 1
De volgende ochtend zijn we naar Notre-Dame-des-Graces gewandeld, een kerkje annex klooster op een heuveltop in de buurt dat vooral bekend is omdat Lodewijk de 13e en zijn vrouw hier bij Maria kwamen klagen over 22 jaar aan kinderloosheid. Et Voila, 9 maanden later werd Lodewijk de 14e geboren (iedereen blij). Het wemelt er nog steeds van de broeders, zusters, nonnen en wat dies meer zij. En praten mag je er ook al niet (getuige de strenge bordjes die tot stilte oproepen). Wel een mooi plekje (als je er niet intern hoeft).
Het dorp zelf heeft een heerlijke hoofdstraat met grote platanen en minstens 10 restaurants. Informatieborden melden dat het dragen van een mondkapje verplicht is, maar er zijn niet veel mensen die dat doen. Mooie straatjes en steegjes met oude huizen, met op de achtergrond een verticale rotswand waar vele eeuwen geleden al mensen leefden in grotten. Die hebben we nog niet bezocht, want onze plannen zijn een beetje in de war door een werkelijk dramatisch onweer, met de hardste klappen die we ooit hebben gehoord, terwijl we een goed heenkomen hadden gezocht onder het ruime afdak bij de dorpspomp, waar we zeker een uur hebben doorgebracht in afwachting van betere tijden.
Die betere tijden zijn er nu (het zonnetje schijnt weer) dus gaan we zo weer aan de wandel.
Bij de foto's:
- linksboven: Cotignac @ night
- rechtsboven: de doelgroep haast zich naar de mis bij de Notre-Dame-des-Graces
- linksonder: Cours Gambetta (de hoofdstraat)
- rechtsonder: Place de la Mairie
donderdag 23 september 2021
Frankrijk, Giverny
Sommige kunstenaars opereren in dezelfde stijl (die zullen wel denken: als mensen hier voor Monet komen, zullen ze mijn schilderijen ook wel mooi vinden. Sommigen heten zelfs Claude), anderen doen het juist helemaal anders (die zullen wel denken: de competitie van Monet in zijn eigen stijl is me iets te heftig). Hoe dan ook, een leuk dorp, dat in deze tijd van het jaar (en/of door Covid) verrassend rustig is. Zeker in de vroege ochtend of het eind van de middag kom je niet veel volk tegen.
Het huis en de tuin van Monet liggen er ook prachtig bij, en zijn ook relatief leeg. Sommige kamers in het huis hebben we zelfs helemaal voor onszelf, en dat is een heel andere ervaring dan om ze te moeten delen met zo'n honderd anderen (zoals we lang geleden bij een eerder bezoek in het hoogseizoen hebben mogen ervaren). En de tuin bloeit, ook al is het eind september, nog als een dolle. Een hele mooie plek.
Omdat men in Giverny de bezoekers iets meer wil bieden dan huis/tuin van Monet en schilderende zzp-ers, is er ook een museum, met werk van verschillende impressionisten en aanpalende stromingen. Aardig maar niet wereldschokkend. Dat geldt ook voor het nabijgelegen Vernon, dat pitoresk aan de Seine ligt en waar je een aangenaam uurtje kunt rondwandelen.
Morgen met een lange rit door naar de Provence.
Bij de foto's:
- linksboven: de salon in huize Monet; elk stukje muur is bedekt met een schilderij of Japanse prent (dat geldt voor het gehele huis)
- rechtsboven: het centrale pad van de tuin van huize Monet
- midden: Loes op het bruggetje dat regelmatig door de grote meester is geschilderd
- linksonder: het nogal clichematige kasteel van Vernon
- rechtsonder: Vernon, de restanten van de oude brug over de Seine en de 'vieux moulin'.
vrijdag 20 augustus 2021
Büdelsdorf, Kopenhagen en Helgoland (Helnoland)
Het eerste 'leuke ding' is de NordArt expositie in Büdelsdorf. Een elegant verroeste oude fabriekshal vol moderne kunst, met een grote beeldentuin en bijgebouwen er om heen.
Veel kunstenaars van het grote gebaar (vaak uit China of Rusland): tientallen verchroomde dodo's van 1 of 2 meter hoog, de Nachtwacht op ware grootte in brons, 10 gorilla's van 3 meter hoog op een rij, etc. Niet allemaal even subtiel dus, maar toch erg leuk om doorheen te dwalen. En verrassend genoeg zijn de ('normale') schilderijen misschien wel het mooiste.
Eenmaal aangekomen in Kopenhagen gaan we eerst weer eens eten bij onze favoriete noodle bar aldaar, Papa Ramen in Vesterbro. De volgende dag ontmoeten we eerst kort Sanne & Fenya in het Søndermarken park alvorens we ondergronds gaan voor een expositie van Tomás Saraceno in de Cisternerne (oude ondergrondse waterreservoirs). Je moet er op eigen kracht doorheen in een bootje, en dat valt nog niet mee in het pikkedonker. We zijn zo'n beetje de eerste bezoekers van de dag, en het lijkt alsof men nog (lang) niet alle lampen heeft aangedaan. Veel kunst is er (dus?) ook niet te zien, maar ach, het is een gek tochtje, en alleen daarom al leuk.
De volgende dag leveren we het speelgoed uit onze kofferbak in bij Sanne, Morten & Fenya in Glostrup, en vooral de laatste lijkt blij met de twee nieuwe fietsen. Onze indruk was dat het huis al wel vrij vol lag met ander speelgoed, maar, 'never enough of a good thing'. Leuk om te zien hoe het huis is opgeknapt vergeleken met een jaar geleden, en sowieso een hele leuke ochtend.
In de middag hebben we, net als 15 jaar geleden, Rungstedlund bezocht, het voormalige huis van schrijfster Karen Blixen. Het ligt er mooi bij, en het is een fijne middag om door haar tuin te struinen, op weg naar haar graf. Nu we toch met de auto zijn, nemen we de lange en mooie kustweg richting het zuiden terug naar Kopenhagen.
Daarna maken we aanstalten voor het tweede 'leuke ding in Duitsland', een bezoekje aan het eiland Helgoland. Daarvoor moeten we dan eerst van Kopenhagen in Cuxhaven zien te komen (want vandaar vertrekt de ferry naar Helgoland), een rit van 540 kilometer met een veerpont onderweg. Het Duitse deel van de route blijkt zich - gedurende vele uren - te moeten voltrekken op een tweebaansweg met héél véél auto's, dus we zijn lang onderweg (een uur of 8).
Eenmaal aangekomen in Cuxhaven (niet de navel van de wereld) blijken de meeste restaurants tjokvol te zitten en komt de regen horizontaal voorbij. Het lukt nog net om een bordje bami te bemachtigen.
De volgende ochtend is dan het moment aangebroken om de ferry naar Helgoland te nemen, maar het weer is zo mogelijk nóg slechter geworden: donker, stormachtig, kletsnat. Wij voorzien onder deze omstandigheden een onprettige overtocht (het eiland ligt 50 kilometer uit de kust) en weinig wandelplezier. Dus hebben we besloten deze bestemming maar over te slaan ('HellNoLand!'). Volgende keer beter (als die er ooit komt).
Bij de foto's:
- Linksboven: NordArt, Loes tussen Frans Banning Cocq en Willem van Ruytenburch in brons
- Middenboven: NordArt, Ronald verlaat de toren van Babel (op verplichte slofjes)
- Rechtsboven: NordArt, bronzen eerbetoon van Alexander Taratynov aan schilder Ivan Kramskoi en diens schilderij 'the unknown woman'
- Linksmidden: NordArt, Loes legt details vast van werk van Timur D'Vatz
- Rechtsmidden: Kopenhagen, bootje varen in het ondiepe water van de Cisternerne (met 'werk' van Tomás Saraceno)
- Linksonder: Kopenhagen, de oude Carlsberg brouwerij
- Middenonder: Sanne, Fenya & Loes in Søndermarken park
- Rechtsonder: de sombere kust bij Cuxhaven
maandag 31 augustus 2020
Kopenhagen & Hamburg
Een bezoekje werd hoog tijd, want het was al een flink aantal maanden geleden dat Fenya geboren is, en die hadden we tot nu toe nog niet mogen ontmoeten. Dat is nu gelukkig wel gebeurd, met een bezoekje aan Glostrup op zaterdagochtend, en dat was heel leuk. Maar we hebben ook de tijd genomen om Kopenhagen verder te verkennen.
Eerst op vrijdag op de fiets naar Refshaleøen, met de Amager Bakke (een skibaan annex klimwand op een ultramoderne afvalverbrandingsoven), Reffen (de nieuwste rafelige street food-hotspot van de stad)
en Copenhagen Contemporary (een grote expositieruimte voor moderne kunst in verbouwde pakhuizen). Omdat het prettig fietsweer werd, hebben we zowat de hele stad doorkruist: Nyhavn, Torvehallerne, Nørrebro, Kastellet, Slotsholmen.
De volgende dag hebben we, na Glostrup (en om de hoek) in Ishøj het ARKEN Museum bezocht (veel Damian Hirst, je moet er van houden, en dat lukte voor een middag) en een strandwandeling gemaakt.
Voor de terugweg hadden we geen zin in weer één rit van ruim 900 kilometer, dus hebben we overnacht (en nog een middag rondgezworven) in Hamburg. Al met al een heerlijk weekeinde.
Bij de foto's:
- Linksboven: Refshaleøen, Amager Bakke
- Rechtsboven: Refshaleøen, Reffen street food
- Linksmidden: de tuin van ARKEN Museum
- Rechtsmidden: Refshaleøen, Copenhagen Contemporary
- Linksonder: de Storebæltsbroen tussen Funen & Sjælland
- Rechtsonder: de Speicherstadt van Hamburg
zondag 9 augustus 2020
Maastricht & Arcen
We beginnen met een trip vanaf ons hotel nabij het noordelijk gelegen Bassin, langs de Maas, naar het Bonnefanten museum in het zuid-oosten. Bij het water is het goed uit te houden, en in het museum natuurlijk ook. Het moderne werk was interessant, de oude kerkelijke spullen wat minder.
In de avond, via de Sint Servaasbrug, naar Wyck, voor een fijne fusion maaltijd bij Umami Maastricht, en een mooie zwerftocht langs Vrijthof en Markt, op weg terug naar ons hotel.
De volgende ochtend beginnen we inderdaad aan een lange wandeling naar, over en om de Pietersberg, maar halverwege keren we om. Het deel voor ons kent geen schaduw, en het deel achter ons wel, en dat is met deze hitte toch echt een stuk aantrekkelijker. Desondanks was het een prachtige tocht.
woensdag 18 maart 2020
Namibië, part 8 (final)
In overleg met onze travel agent hebben we besloten om de 20e terug te vliegen, eerst van Windhoek naar Johannesburg, en dan, enkele uren later, door naar Schiphol (althans dat stukje dat daar nog van open is).
Dat betekent wel dat we morgen in één rit naar Windhoek moeten, volgens Google een uurtje of 7, dus dat zijn er dan minstens 9. En merendeels weer over hobbelpaadjes. Maar goed, met een vroege start is het haalbaar tijdens de uren van daglicht. Dit zal dus wel onze laatste post van deze reis worden.
Het was heel mooi, en te kort, maar iedereen heeft nu andere dingen aan het hoofd.
Bij de foto's:
- Boven: landschap nabij de Namtib lodge
- Linksmidden: landschap tussen Luderitz & Aus
- Rechtsmidden: In de Namtib lodge komen de paarden aan het einde van de dag vanzelf naar huis (uit de omliggende woestijn)
- Linksonder: Dashcam-shot van een kudde passerende oryxen (inzoomen maar)
- Rechtsonder: laatste wandeling (voor nu)
dinsdag 17 maart 2020
Namibië, part 6 (Aus & Luderitz)
In Aus kun je prachtig wandelen, maar je moet er wel vroeg bij zijn want het wordt al snel (te) heet. Vanaf onze lodge deden wij de 'Vista Trail', niveautje 'easy to moderate', maar die classificaties worden meestal door sportschooltypes gegeven, dus zo 'easy' was het niet. Wel erg mooi.
Vandaag zijn we naar Luderitz geweest, een voor Namibische begrippen redelijk grote stad, maar totaal geïsoleerd, liggend aan de Atlantische Oceaan, 120 km rechtdoor (zonder enige afslag) vanaf Aus, dat ook al niet echt de navel van de wereld kan worden genoemd. Wel een erg goede weg trouwens, want verderop ligt een zinkmijn die haar waren met grote vrachtwagens naar Luderitz brengt om in te schepen. En omdat er (inderdaad) alleen af & toe een vrachtwagen rijdt, ben je er in een klein uurtje.
Luderitz staat vol met fascinerende Duitse jugendstil-huisjes, met bedelaars er voor. Het is mooi, maar economisch gaat het hier blijkbaar niet geweldig, want de armoede is schrijnend. Het 'waterfront' complex, waar het ooit (soort van) gezellig was met wat winkeltjes en restaurantjes, staat helemaal leeg. Er zwerven wat hongerige locals rond, en ook een verbitterde Namibische Duitser die ons uitlegt dat vroeger alles beter was. Deze keer moeten we hem gelijk geven (weten wij uit onze eigen ervaringen van 6 jaar geleden).
Bij de foto's:
- Linksboven: uitzicht vanaf de Vista Trail bij Aus
- Rechtsboven: de Felsenkirche in Luderitz
- Linksmidden & Rechtsmidden: Luderitz
- Linksonder: Diaz Point, waar in 1488 een ontdekkingsreiziger met die naam aan land ging. De houten steiger naar het herdenkingskruis is al lang geleden weggeslagen door de zee en het ziet er naar uit dat we het voorlopig zonder zullen moeten doen
- Middenonder & Rechtsonder: Garug Station (tussen Luderitz & Aus)









